Leren op de werkvloer, je ziet het bij veel zorgorganisaties. Hoe dat lesgeven in de praktijk eruit ziet, is bij iedere organisatie toch weer iets anders. Ook daarin kunnen we leren van elkaar. Wilma Beijer, woonzorgmanager en Gea Doejaaren, ontwikkelcoach van de Zellingen kwamen op werkbezoek bij het Leerhuis op locatie Savelberg van Zorgpartners Midden-Holland. Projectleider en docent Marianne Schouwstra gaf samen met Esther de Waal, praktijkopleider en Myra de Boer leerlingbegeleider bij Zorgpartners Midden-Holland een kijkje in de keuken van het Leerhuis.

De ochtend begint met het uitwisselen van ervaringen, gevolgd door een brainstormsessie over ‘leren in een leerwerkomgeving’ en ‘werkbegeleiding’. Schouwstra vertelt hoe dit er bij het Leerhuis uitziet: “Onze groepen bestaan uit zo’n 10 tot 12 studenten, een heel gemêleerd gezelschap. Van schoolverlaters tot een zij-instromer van 30 jaar die in het leger heeft gewerkt. Juist ook voor de wat oudere deelnemers voelt deze manier van onderwijs veilig. Ze willen nog niet de volledige verantwoordelijkheid voor een cliënt hebben. Hier worden ze begeleid door de praktijkopleiders van Zorgpartners Midden-Holland, een docent van mboRijnland, maar ze hebben toch ook een bepaalde mate van zelfstandigheid. We beginnen bewust de ochtend gezamenlijk in ons eigen leslokaal hier op locatie. Een moment waar iedereen zijn ervaring van de dag ervoor kan delen. Het Leerhuis is heel laagdrempelig. De lijnen zijn kort tussen de praktijkopleiders, docent en de student. Het is eigenlijk een soort learning community. Die verbinding, het inspireren en ervaringen, gelijkenissen en verschillen bespreekbaar maken, dat vind ik heel belangrijk.”
Wij leveren maatwerk
De Zellingen werkt met het concept Teaching on the floor (TOF) samen met het Albeda College. Het kent veel overeenkomsten met het Leerhuis, maar er zijn ook verschillen. Beijer prijst bij het Leerhuis het werken in kleine groepjes. Schouwstra reageert: “Dat doen we heel bewust. Ze werken allemaal op een andere afdeling. We leveren echt maatwerk. Zo moet je iemand van 15 jaar soms communicatief nog wat bijsturen, terwijl een ouder iemand die ervaring al heeft.”

Hierna brengt het gezelschap een bezoekje aan de zorgafdelingen waar ze in gesprek gaan met werkbegeleiders, praktijkopleiders, leerlingbegeleiders en studenten. Dat de korte lijntjes tussen school en praktijk belangrijk zijn, komt ook tijdens het werkbezoek naar voren. De werkbegeleiders geven aan dat het erg prettig is om naar het leslokaal te lopen voor vragen. Die verbinding tussen docenten, praktijkopleiders, werkbegeleiders en studenten nemen de ontwikkelcoaches mee terug naar de Zellingen.
Schouwstra: “Een duidelijke uitkomst is dat studenten zich sneller ontwikkelen en sneller door de lesstof gaan wanneer ze direct antwoord krijgen op een leervraag, waardoor de (complexe) zorgvraag sneller begrepen wordt. Voor werkbegeleiders is dat soms nog wat onwennig. Studenten stellen kritische vragen en zijn zelfverzekerder op de werkvloer. Werkbegeleiders leren van studenten wat een positief effect heeft op de deskundigheidsbevordering.”
Het werkbezoek was voor alle partijen een succes. Beijer: “Juist door deze verschillen en ervaringen kunnen we van elkaar leren.”
Wordt vervolgd!